Niemand wordt als holebifoob geboren, dit is aangeleerd. De rode draad van voorstelling ‘Mijn Volk’

Bjarne Devolder studeert dit jaar af als toneelspeler en -maker aan het Koninklijk Conservatorium Antwerpen. Geïnspireerd door ‘Small Town Boy’ van Falk Richter, creëerde Bjarne in samenwerking met Naomi Velisariou de voorstelling ‘Mijn Volk’. Samen maakten ze het coming-of-ageverhaal van Luca, een homoseksuele jongen die opgroeide in een homofobe omgeving en als gevolg ervan een enorme zelfhaat heeft ontwikkeld.


Het is warm voor de tijd van het jaar als ik Bjarne Devolder op een vrijdagnamiddag ontmoet op het terras van Den Draak. We zijn omsingeld door mensen in weekendstemming. Devolder bestelt een glas roséwijn. Gelijk heeft hij. Ik houd het bij een glaasje fris, niet tijdens de werkuren, weet je wel.


Griekse tragedie

Devolder is net terug uit Gent, waar hij zijn huissleutels en portefeuille vergat. Ontheemd voor even door vergetelheid. Hij blijft er rustig bij. De toon van het gesprek is gezet.

De avond voordien zag hij ‘Orestes in Mosul’ van Milo Rau in NTGent. Hij is verbaasd hoe een verhaal van duizenden jaren geleden nog altijd een enorme realistische impact kan hebben op wat we anno 2019 meemaken in de samenleving. De dunne grens tussen fictie en realiteit. Dat inspireert hem. Daar is hij naar opzoek. Dat wil hij brengen op het podium.

“Ik zoek altijd naar ontroering. Ontroerende beelden op het podium. Ontroerende zinnen in een boek. In het woord ‘ontroering’ zit het woord ‘roeren’. Ik wil dat een voorstelling in mezelf roert. Dat het me raakt. Daarom vind ik de stukken van De Nieuwe Tijd zo goed. In weinig voorstellingen wordt zo waarheidsgetrouw over emoties gesproken. Dat gaat altijd naar mijn hartje.”


Tussen realiteit en fictie

Ik vraag hem hoe hij het coming-of-ageverhaal ‘Mijn Volk’ in twee zinnen zou omschrijven. Ik zie hem nadenken. Ten slotte zegt hij: “Mijn afstudeerproject gaat over hoe de wereld naar dit onderwerp kijkt.”

De voorstelling over de homojongen Luca die opgroeide in een homofobe omgeving ontstond toen de Nederlandse actrice en toneelmaakster Naomi Velisariou hem vroeg waar hij woedend van werd. “Mensen kijken nu vooral uit naar authentieke, persoonlijke verhalen. Liefde, verliefdheid en liefdesverdriet zijn universeel maar toch blijft het persoonlijk. Iedereen zoekt herkenning en erkenning in verhalen. Het persoonlijke wordt universeel en vice versa.”

Meteen vraag je je af waar maker de grens tussen fictie en realiteit trekt. In welke mate kwam hij in zijn jeugd met homofobie in aanraking? Het is een grens die Devolder bewaakt. Het is aan de toeschouwers om hun verbeelding te gebruiken.

Schrijvers beginnen altijd met wat ze kennen en verwerken het tot een verhaal, dat is wat ze doen

Het is een werkwijze die je wel bij meer jonge makers en schrijvers opmerkt. Hoeveel van Lize Spits jeugd zit in haar roman ‘Het smelt’ verwerkt? Hoe waarheidsgetrouw is ‘Weg met Eddy Belleguelle’ van de Franse schrijver Édouard Louis?

“Ik speel bewust met de dramaturgische spanningslijn, zodat de mensen zich afvragen wat er ‘echt’ is en wat niet. Edouard Louis doet dat ook en daarom nestelen zijn boeken zich in het lichaam van de lezer. Hij schrijft over dingen die hij wellicht heeft meegemaakt maar beschrijft het op een manier dat het fictie wordt. Dat is wat schrijvers doen. Ze beginnen altijd met wat ze kennen en verwerken het tot een verhaal.”


Bij de ballen grijpen

Niemand wordt als holebifoob geboren. Die gevoelens zijn aangeleerd. Door de maatschappij, door de opvoeding, zo ook bij Luca. Het hoofdpersonage in de monoloog ‘Mijn Volk’. De voorstelling begint met een homofoob betoog dat duidelijk moet maken hoe Luca overwoekerd is door zelfhaat. Dat is zijn levensworsteling: een homofobe homo zijn.

Iedereen heeft wel eens negatieve gedachten over iemand anders die ze niet durven uitspreken

Devolder hoopt dat de ongemakkelijkheid in de zaal voelbaar zal zijn. “Het publiek krijgt twintig minuten lang een aaneenschakeling van redenen hoe abnormaal het is om homo te zijn. Ik wil hen bij de ballen grijpen. Ik wil hen doen nadenken en de laag van politieke correctheid wegschrapen. Die laag is er bij ons allemaal. Iedereen heeft wel eens negatieve gedachten over iemand anders die ze niet durven uitspreken. Waar ze zelf van schrikken dat ze die hebben. Ik wil het publiek wijzen op hun blinde vlekken. Door dat te doen, hoop ik een strijdbaar hart bij hen te kweken.”


Vechten voor wie je bent

“‘Mijn Volk’ gaat over de zoektocht naar wie je bent en wat je kunt betekenen voor anderen. Die zoektocht is altijd eenzaam. Luca is opgevoed met de gedachte dat hij niet mag zijn wie hij is. Daardoor voelt hij zich heel eenzaam en vlucht hij naar de stad.”

Vroeger wou ik one of the guys zijn en daar zat zoveel pijn onder omdat ik wou voldoen aan de norm

Ook in de stad voelt Luca zich eenzaam. Die eenzaamheid is opnieuw een universeel herkenbaar gevoel. Iedereen heeft wel een moment gehad waarop hij zich eenzaam voelde in zijn leven.

“Vroeger wou ik one of the guys zijn en daar zat zoveel pijn onder omdat ik wou voldoen aan de norm. Een van de gewone jongens zijn om je niet slecht te voelen over jezelf. Dat is confronterend omdat het aan je identiteit raakt. Ik moest vechten voor wie ik ben. Ik benoem die struggle in ‘Mijn Volk’ en gebruik het om het publiek duidelijk te maken van hoe we allemaal wel op een manier anders zijn en wat dat betekent. Of dat nu over je seksuele voorkeur, je afkomst of je religie gaat.”


Van zwart/wit naar kleur

Hoewel zijn betoog bevlogen is, blijft Devolder rustig praten. Hij wikt en weegt zijn woorden. Al doet zijn constant gewiebel met zijn knie vermoeden dat hij wel eens een vulkaan kan zijn die op het podium tot uitbarsting komt.

“Hij weet dat hij niet aan een bepaalde norm voldoet. Zowel in de norm van mannelijkheid als de norm van ‘een relatie te hebben’. Hij weet niet hoe hij moet leven. Hoe hij moet houden van iemand. Hoe iemand kan houden van hem. Luca kan nog altijd niemand begrijpen omdat hij zichzelf nog niet begrijpt. Dat zorgt voor woede en haat tegenover de wereld maar ook voor zichzelf.”

In anderhalf uur zie je Luca toewerken naar zelfliefde, zelfacceptatie en een bewustwording en benoeming van zijn probleem

Naar het einde van ‘Mijn Volk’ toe wordt Luca zich ervan bewust waar zijn zelfhaat vandaan komt. Hij leert hoe hij kan omgaan met de dingen die hem zijn aangeleerd. Hoe hij met zichzelf kan omgaan. Hoe hij zich kan verzetten tegen die geïnternaliseerde homofobie.

In anderhalf uur zie je Luca toewerken naar zelfliefde, zelfacceptatie en een bewustwording en benoeming van zijn probleem. Hij probeert zijn eigen idee vorm te geven. “Luca zal zijn jeugd altijd met zich meedragen, maar hij zoekt niet langer naar erkenning van wie hij is door anderen. Hij begon in zwart/wit en eindigt in een groots kleurenspectrum waar er ook nog ruimte is voor grijstinten. Ik wou nooit een verhaal vertellen waarop het op het einde plots allemaal ‘peis en vree’ is”, glimlacht Devolder.


‘Mijn Volk’ speelt op 4, 5 en 6 juni in De Monty te Antwerpen.


Bron: Zizo Mag - Stijn Depoorter

Foto: © BJARNE DEVOLDER




headersite.jpg
  • Facebook
  • Instagram
  • YouTube
  • https://open.spotify.com/show/5VCEngNwtgHUReCVxpEESQ
  • Twitter
  • livepng
headersite.jpg

© 2021 theaternieuws.be by popehouse

Winkelwagen0